Mokums paradijs

24-05-2019

Amsterdam is altijd het centrum bij uitstek geweest van het Joodse leven in Nederland. Niet voor niets heeft de stad de bijnaam ‘Mokum’ gekregen, het Jiddische woord voor ‘plaats’. Sinds de zestiende eeuw vestigden zich verschillende Joodse gemeenschappen aan de oostkant van de stad. In de Joodse buurt werd handelgedreven, godsdienst beleden, geleefd, gespeeld en gewerkt. Na de oorlog is een groot deel van de buurt in verval geraakt en gesloopt, maar er is vandaag de dag nog genoeg te vinden dat herinnert aan de rijke historie van de Amsterdamse Jodenbuurt.

Geschiedenis

De geschiedenis van Joods Amsterdam begint in de zestiende eeuw, wanneer de Sefardische joden naar de stad vluchten. Ze zijn verjaagd uit Spanje en Portugal, waar hun geloof niet geaccepteerd wordt. Hetzelfde geldt later voor de Asjkenazische Joden uit Duitsland en Oost-Europa. In Amsterdam wordt het Joodse geloof gedoogd; Joden mogen hun religie binnenshuis uitoefenen, maar echt geaccepteerd als voltallige burgers worden ze niet. Zo mogen ze zich niet aansluiten bij de gildes, waardoor ze van veel beroepen uitgesloten zijn. Veel Joden gaan daarom de handel en later ook de diamantindustrie in. Mede hierdoor zou de Amsterdamse diamantindustrie in de negentiende eeuw uitgroeien tot een van de belangrijkste ter wereld. Een groot deel van de bevolking leeft aanvankelijk in de armere wijken in het oosten van de stad, zoals Vlooienburg en Uilenburg. Rijkere families vestigen zich aan de nieuwe grachten ten oosten van de Amstel.


Joodse buurt

Het Waterlooplein, midden in de Joodse buurt, staat bekend om haar markt. Deze is van oorsprong Joods en werd sinds 1893 dagelijks gehouden, met uitzondering van zaterdagen; dan was immers de sabbat. Het Waterlooplein van nu is wel een stuk kleiner dan dat uit de negentiende eeuw. Op het eilandje Vlooienburg, waar het originele plein lag, staat tegenwoordig de enorme Stopera, de thuisbasis voor de gemeenteraad en de Nationale Opera en Ballet. Iets verderop ligt het Jonas Daniël Meijerplein, dat vroeger als de ‘Deventer Houtmarkt’ het centrum van de Joodse buurt vormde.

Aan dit plein ligt ook de oudste synagoge van Amsterdam: de Grote Synagoge uit 1671. Deze is niet meer in gebruik als gebedshuis, maar biedt samen met drie andere synagogen een thuis aan het Joods Historisch Museum. In de nabijgelegen Portugese Synagoge uit 1675 worden nog wel diensten gehouden. Het interieur van de Esnoge, zoals hij ook wel genoemd wordt, is vrijwel onveranderd gebleven sinds de zeventiende eeuw en je vindt in het gebouw tevens de oudste Joodse bibliotheek ter wereld.

Nalatenschap

In de jaren ’30 van de vorige eeuw woonden er zo’n 79.000 joden in Amsterdam. Na de oorlog keerden er maar 5.000 van deze mensen terug. Hun huizen hadden het oorlogsgeweld ook slecht doorstaan; de Joodse buurt was verlaten en verwaarloosd en veel huizen waren vernield in een wanhopige zoektocht naar brandhout. Uiteindelijk zou veel van de oude Joodse buurt gesloopt worden. De invloed van de Joodse gemeenschap op Amsterdam is echter niet verloren gegaan.

Zo herinneren de diamantbeurs, de diamantslijperij Gassan en het gebouw van de Algemene Nederlandse Diamantbewerkers Bond aan het fonkelende verleden van de Amsterdamse diamantindustrie, waarin zoveel Joodse Amsterdammers werkzaam waren. Maar niet alleen op industrieel gebied is de Joodse geschiedenis bewaard gebleven; ook is er bijvoorbeeld Gebouw Plancius, waar de Joodse zangvereniging Oefening Baart Kunst jarenlang repeteerde, of Huis de Pinto, een voormalig Joods woonhuis en nu een culturele, literaire ontmoetingsplaats.

Er zijn natuurlijk de herinneringen aan de oorlog: de Hollandsche Schouwburg en het Auschwitzmonument, en de struikelstenen die de vele slachtoffers herdenken. Veel bekende winkelketens hebben bovendien hun oorsprong in Joods Amsterdam. De Bijenkorf bijvoorbeeld is in 1870 begonnen als winkeltje in wol en naaiartikelen op de Nieuwendijk, om onder leiding van de Amsterdamse familie Isaäc uit te groeien tot de chique winkelketen die wij nu kennen. Kortom: Amsterdam barst van de herinneringen aan haar rijke en veelzijdige Joodse geschiedenis.

De Dokwerker op het Jonas Daniël Meijerplein is een monument ter nagedachtenis aan de Februaristaking van 1941. Het standbeeld dat is ontworpen door de beeldhouwer Mari Andriessen is jaarlijks de centrale plek van de herdenking van de Februaristaking op 25 februari.

Ontdek het Joodse verleden van Amsterdam zelf tijdens een stadswandeling door Joods Amsterdam.

Door: Hanna de Vos

Ook interessant

Stad vol steegjes en straatjes aan het Spaarne

lees meer

Slenteren door de Sleutelstad

lees meer

Langs de Amsterdamse grachten

lees meer

Meld u aan voor de Nieuwsbrief!